Oct 10 2026
/
Ontwapend.
Voordracht door Karel Strobbe op donderdag 25 juni 2026.
10 Mei 1940, in de vroege ochtend, barst het Duitse offensief los tegen België, Nederland, Luxemburg en Frankrijk. Het oorlogsalarm verspreidt zich in heel het Belgische leger. Ons leger bestond toen uit 610 000 manschappen waarvan enkel 10 000 beroepssoldaten. De overgrote meerderheid waren dus dienstplichtigen, miliciens met een actief beroepsleven, maar opgeroepen door de dreigende oorlog. Al deze soldaten werden meegesleurd in deze grote nachtmerrie.
In 18 dagen werden ze overrompeld, omsingeld en verslagen. De Belgische capitulatie was een feit. Hitler had de controle over een groot deel van Europa. Burgers sloegen op de vlucht. Regeringen gingen in ballingschap. Mensen werden weggevoerd naar concentratiekampen zoals Auschwitz en Buchenwald, naar werkkampen in fabrieken, mijnen, boerderijen en industriële gebouwen.
De eerste opdracht van de Duitsers naar de krijgsgevangen was: hen ontwapenen, grondig ondervragen en vervolgens afvoeren naar transitkampen: dagelijks 10 tot 15 000 KG’s per vrachtschip en 5000 per trein. In de kampen werden “vertrouwensmannen” aangesteld voor de vrijwaring van het welzijn van de KG. Er ontstond een explosie van egodocumenten, brieven, dagboeken en memoires tussen de soldaten en het thuisfront.
De massale grote groep soldaten in de basiskampen eten geven, werd een onmogelijke opdracht. Op 5 juni beval Hitler een voorkeursbehandeling voor de Vlamingen -niet voor Walen of Brusselaars- en keerden er 105 000 terug naar huis. De Vlaamse beroepsmilitairen, in hoofdzaak officieren en onderofficieren, zouden KG blijven tot het einde van de oorlog. De relaties tussen de KG en de Duitse bevolking was zeer complex. Er was wreedheid en onverschilligheid, maar ook compassie en medelijden. Sommige Duitsers riskeerden hun leven door KG’s te helpen, door voedsel te geven of hen te beschermen tegen het extreme naziregime. Er was veel menselijk leed, maar ook moedige weerstand in uitzonderlijke omstandigheden.
In juni ’41 vond een groot Duits offensief plaats tegen de Sovjet Unie. Vele duizenden Russische KG’s verhoogden de druk in de kampen. Er ontstond tekort aan plaats, eten en drinken, ook voor de Belgische KG’s. Er werden meer en meer ontsnappingspogingen gepland en uitgevoerd, o.a. verscheidene tunnelprojecten (cfr. “the Great Escape”) .
In de Duitse fabrieken waren toen 3 miljoen buitenlanders aan het werk. In kleine boerderijen en ondernemingen waren ze steunpilaren voor het bedrijf. Niet alleen werkgevers maar ook bewakers werden milder en menselijker naar de KG’s toe. En stilaan groeide er toch vriendschap en toenadering van de Duitse bevolking. De kampen kregen nieuwe gebouwen met leef- en slaapruimten en ziekenzalen. Naarmate de oorlog duurde werd de kamppopulatie internationaler en de logistiek stabieler. Uit België kwamen regelmatig goed gevulde pakketten. Een hoofdkamp groeide uit tot een drukke bedrijvigheid met allerlei activiteiten zoals theater en muziekrealisaties. De sfeer was heel anders dan in 1940. Maar het relationele leven van de KG kwam ook onder druk te staan, zowel op het thuisfront als met nieuwe amoureuze relaties in Duitsland. Het krijgsgevangenschap heeft bij velen hun leven als mens helemaal veranderd.
6 juni 1944- D-day! Inval door de geallieerden in Normandië. De KG’s beleefden deze doorbraak als een euforie, maar tegelijk ook met angst en twijfel. Na verloop van tijd, met een duidelijker zicht op het groeiend verlies van de Duitsers, veranderde stilaan de verhouding tussen bewakers en KG’s.
Eind september ’44 is gans het Belgische grondgebied bevrijd, maar zitten er nog 65 000 KG’s in Duitsland.
Door de plotse militaire operaties zoals vele terugtrekkingen ontstond chaos en kwam de logistiek in moeilijkheden. Alle postverkeer van brieven en pakjes viel stil. De banden met het thuisfront werden doorgesneden. De bevrijdingsdagen werden voor de KG’s een heel moeilijke periode.
De totale economische ontwrichting van Duitsland, de evacuaties van alle kampen, de volksverhuizing van miljoenen Duitsers werd een enorme chaos.
In erbarmelijke omstandigheden (wintertijd) speelde zich één van de grootste drama’s af van de 20° eeuw. Een apocalyptische maalstroom van ontbering en gevaren.
Maar de transitie van gevangenschap naar vrijheid veroorzaakte ook een collectieve uitbarsting van opluchting en vreugde.
25 april ’45 bevrijding door het Russische leger van de laatste kampen. Er volgde een heel moeizame repatriëring van de KG’s per trein en camions.
Einde ’45 kwamen de laatste KG eindelijk -na 5 jaren- terug thuis in hun dorpen, in hun eigen huis, bij vrouw en kinderen. Voor velen een vreugdevol weerzien, voor anderen ook heel pijnlijk.
Einde van de oorlog, maar met zware gevolgen voor de vele Belgische krijgsgevangenen.
Frank Sauer
Foto: Karel Strobbe
