Sep 27 2025
/
Mosselfeest - 2025
Foto: Alberte Panis.
Verslag van het mosseldiner op donderdag 24 juli 2025 op Sint- Anneke- Antwerpen L.O.
Volgens een oud Antwaarps gezegde: “en oep sintanneke mosselen”.
Mosselen worden al sinds de jaren 1830 gegeten op Sint- Anneke.
De Antwerpenaren staken geestdriftig de Schelde over met boten om hier van mosselen en pintjes te genieten. De beste mosselen van Vlaanderen, zelfs van de hele wereld. Lees hier verder meer over.
Aan de hoeveelheid drankgelegenheden aan deze kant van de rivier te oordelen, moet het hier vroeger heel gezellig geweest zijn…
Terugkeren, ’s nachts, was iets moeilijker, maar Sint Anneke werd in heel België bekend als oord van vertier en plezier.
Anno 2025 is het niet anders.
Op donderdag 24 juli 2025, een waterige zomerdag, staken geestdriftige KAVA Senioren massaal de Schelde over, de meesten met de boot,
als waren ze op bedevaart naar die ene plek “oep Sint Anneke” om samen te genieten van die fameuze lekkernij.
Een affiche bij de ingang van restaurant De Zeester moet de voorbijganger ervan overtuigen: De beste mosselen aan de Schelde eet je bij “De Zeester”.
Voor het derde jaar op rij genoten we in restaurant De Zeester inderdaad van een portie van die “beste mosselen aan de Schelde”, geserveerd aan prachtig met zilveren schelpen gedecoreerde tafels.
Met de Waterbus hadden we een duidelijk probleem: die van 12u vertrok maar om 12.45u, wat voor enige vertraging en nervositeit zorgde bij De Zeester, zodat het apero “vergeten” werd. Maar dit euvel werd wel gecompenseerd met een tweede glas bier of wijn.
Ook dit jaar werd een tombola gehouden. Mia Peys-Vermeiren mocht met de eerste prijs, de “KAVA- senioren mosselpot 2025”, naar huis.
Wij danken Alberte en Chris voor de perfecte organisatie van deze ” Babbelnamiddag & mosseldiner”.
Luc VdK



En oep Sint Anneke: mosselen !
Mosseldegustatie op Linkeroever is uitgegroeid tot een culinair hoogtepunt dat de Antwerpse identiteit kracht bijzet. Het verenigt generaties en achtergronden in een sfeer van gastvrijheid, eenvoud en plezier, een smakelijke traditie die Antwerpen verbindt met zijn rivier en zijn geschiedenis.
De liefde voor schelpdieren gaat diep in de Vlaamse historie. Reeds in de middeleeuwen werden mosselen gevangen in de rivieren en getijdengebieden rondom Antwerpen. De stad, strategisch gelegen aan de Schelde, kreeg ook mosselen aangevoerd uit Zeeland waar de mosselcultuur floreerde. Aanvankelijk werden mosselen vooral geconsumeerd door de minder begoede bevolking: mosselen waren goedkoop, voedzaam en gezond.
Dat Antwerpen (bijna) alles heeft hoef je een Antwerpenaar niet te vertellen, het heeft zelfs een strand en op dat strand moet je zijn om lekkere mosselen te eten
Maar hoe is dit strand ontstaan?
De 19e eeuw zag de scheepvaart drastisch veranderen. Tot dan waren zeilen de drijfkracht om goederen en mensen te vervoeren over zee. Maar rond 1850 werd de stoomboot stilaan het nieuwe normaal. Als belangrijke havenstad kon Antwerpen niet achterblijven om de nieuwe vaartuigen te ontvangen maar daarvoor moest de Schelde worden verdiept. Nederlanders, bedreven in baggeren, werden uitgenodigd om deze klus te klaren. De bagger werd over de dijk gekieperd, in de bocht van de Schelde, nu het Sint Annastrand.
Het strand is genoemd naar het voormalige dorp Sint- Anna dat tot begin vorige eeuw te vinden was op de linker Schelde-oever. Dit gehuchtje behoorde tot Zwijndrecht, Oost-Vlaanderen, tot 1923 en was bij de Antwerpenaren al lang bekend voor vertier en plezier. De Antwerpenaar stak de Schelde graag over met bootjes om aan de overkant te gaan genieten van mosselen en pintjes. Terugkeren ’s nachts was iets moeilijker.
Op zondag wemelde het van het volk. De Wase dokwerkers met een gevuld loonzakje, durfden al eens blijven hangen voor een frisse pint in één van de vele cafeetjes.
Het gehucht Sint Anna groeide uit tot een vaste stek voor dagjestoeristen.
In 1910 waren de helft van de 80 huizen hier eetgelegenheden!
Ook aan ontspanningsmogelijkheden ontbrak het niet. Het moet hier heel gezellig zijn geweest aan deze kant van de Schelde. Bekende kroegen waren: de Galerie, ’t Spieken, De Fontein, den Achterom. Duizenden kwamen naar Sint Anneke om te eten, en te drinken, te dansen en te feesten.
Aan deze oever van de Schelde vond je ook twee prachtige mosselhuizen:
het Kursaal en de Belvédère.
Deze bevonden zich aan de wandeldijk even buiten het oude dorp en naast het gebouw van de SRNA, tussen het huidige Sint Annastrand en de Beatrijslaan. Ze werden opgericht naar aanleiding van de Wereldtentoonstelling van 1885 en waren bedoeld voor een rijker publiek.
Ook de bourgeoisie vond dus haar gading op Sint Anneke, in de prachtige zalen van het Kursaal en het casino Belvédère.
Het Kursaal was qua uiterlijk geïnspireerd op de “Trocadéro” in Parijs, compleet met halfrond terras en obeliskvormige torentjes. Binnen stonden palmbomen en meer dan levens-grote standbeelden. Aan de oever van de Schelde lag een eigen aanlegsteiger, een groot terras en de obligatoire ”lusthof”. Het Kursaal had een gerenommeerd restaurant en was wat men nu zou noemen een praatcafé. Het werd een ontmoetings-en pleisterplaats. Er waren regelmatig muziek-en andere feesten.
Naast het Kursaal lag de Belvédère die zijn naam dankte aan de uitkijktoren. Het was vooral een chic restaurant met champagne, uitgelezen wijnen, paling en mosselen op het menu. Beide gebouwen waren trekpleisters voor de Antwerpse burgerij tijdens de Belle-Epoque.
Hier kwamen dames met grote hoeden en lange kleren en heren met bolhoed of tits om te zien en om gezien te worden. Ze dronken sherry in de yachtclub, keken naar een zeilwedstrijd op de Schelde en naar de drukke scheepvaart voor de Antwerpse rede.
Sint Anneke was een oord van vertier en plezier, in heel België bekend.
In 1929 crashte de beurs van New York. Bij ons werd dit pas echt voelbaar in 1931. In 1930 vierde men in België zelfs het 100 -jarig bestaan met alweer een Wereldtentoonstelling.
Twee steden, Luik en Antwerpen, waren daarvoor uitgekozen. In Antwerpen werd de hoofdbekommernis gelegd op entertainment voor het volk. Op de Sint Annaplage kwam een Lunapark met restaurants, winkels, een schaatsbaan en een zwembad.
De tentoonstelling werd geopend op het Kiel maar voor het amusement moest men op Sint Anneke zijn.
De Plage werd nu een nieuwe attractiepool en werd druk bezocht, ook na de Wereldtentoonstelling.
In 1932 bereikte ook bij ons de monetaire crisis haar hoogtepunt. Reizen was niet meer zo evident. Maar de Antwerpenaar is vindingrijk. Hij zocht naar goedkope ontspanning, baande zich een weg door de bosjes en ontdekte aan de bocht van de Schelde een enorme zandvlakte, gecreëerd door de eerste zandopspuitingen. Een uitstekende plek om een tent op te zetten!
De ontdekking ging rond als een lopend vuurtje en al vlug volgde de ene tent na de ander. Op het fijn wit zand van Sint Annekestrand kon je heerlijk zonnen en kamperen. En dat deden die van ‘t stad dan ook massaal. Stilaan werd het een overrompeling, steeds meer mensen bouwden er een bescherming tegen regen en wind. Dus verrezen er tentjes, hutjes en andere koterijen in snel tempo. Gezonde lucht en veel speelruimte voor de kinderen: iedereen was content. De jeugd amuseerde zich aan de kreek, een kleine Schelde-inham, waar de klassieke slijkgevechten plaats vonden, meestal om de liefjes te imponeren. Geen enkele officiële instantie heeft ooit die tenten verboden. De kampeerders geloofden echt dat dit terrein hun stilzwijgend werd toegezegd. Later werden tenten vervangen door houten constructies, soort bungalows. Architect Van Averbeke, hoofdbouwmeester van de stad, moest hiervoor wel de plannen eerst goedkeuren.
Veel is soms niet nodig om zich goed te voelen: een houten chaletje en een klein tuintje aan de Schelde. Wat wil een Sinjoor nog meer? Zo ontstond er bewoning op de Plage, soms recreatief soms als vast verblijf. Deze niet-officiële woningen werden nooit opgenomen in de bevolkingsstatistieken.
Dat schone liedjes niet lang duren weten we en in 1934 schreef Imalso, een aanbesteding uit voor een afgebakend terrein dat de naam Antwerpen-Strand zou krijgen. De concessie werd gegeven aan ene Emile Draps en zijn echtgenote en dit voor een periode van 10 jaar. Onder het mom ”de grote toeloop naar het strand te ordenen, de veiligheid te garanderen en het behoud van de goede zeden te verzekeren”, vroeg Draps aan iedere betreder van de Plage 2 frank.
Het gratis verhaal van heden bestond nog niet en dus moest iedere bezoeker inkomgeld betalen.
Het Antwerps gezegde: “ge zou geld geven om u eens te zien” werd hier letterlijk toegepast want wou men een vriend of familielid die op de Plage woonde een bezoek brengen, moest men aan Draps betalen. De bewoners en uitbaters van het strand betaalden hun pachtgeld jaarlijks.
Organisatorisch liep alles perfect. Vanaf de ponton aan het Steen op de rechteroever kon men of met de Flandriaboot of met private bootjes Sint Annastrand bereiken, een tussenstop aan het Noordkasteel was zelfs mogelijk. Wie via de voetgangerstunnel kwam, werd afgehaald met een treintje, de Sint Anna-Express.
Eens op de Plage aangekomen was het echter: kassa, kassa…
Rond het jaar 1950 werd er een begin gemaakt van wat men zou kunnen noemen de eerste aanzet van ruimtelijke ordening. De bouw van een bungalow moest van toen af volgens plan gebeuren en in duurzaam materiaal, de tijd van de voorlopige woningen was voorbij. De kleine optrekjes werden vervangen door respectabele gebouwen en etablissementen. Ze kregen allemaal een plaats langs de wandeldijk, het was net Blankenberge. Cafés, restaurants, snoepwinkels, verhuurders van strandstoelen en badpakken, verkopers van souvenirs en een frituur: het was er allemaal.
Ook de straten kregen een naam, de voornaamste straat was de” Scheldelaan”, origineler kon het niet.
De eerste echte mosselrestaurants op Linkeroever ontstonden in de jaren 1950-1960. Ze concurreerden met elkaar op het gebied van kwaliteit, creativiteit en gastvrijheid. Elke uitbater had zijn eigen geheim recept.
In verhalen en liederen komt de mossel op Linkeroever regelmatig terug als symbool van de stad en haar inwoners: eenvoudig met een fijne smaak, vol van karakter en geschiedenis. De toekomst van de mosseldegustatie hier oogt rooskleurig. Dankzij investeringen in de infrastructuur, een groeiend toerisme en een blijvende waardering voor culinaire tradities, blijft deze plek dé bestemming voor elke mosselliefhebber.
Alberte


1890-1900 Belle époque ’t Straaand van Sient- Annke anno 1935.
Alberte.
